coastwatch

Onderzoek naar zwarte zee-eenden in weer en wind

In de zomer kun je je misschien geen luxere baan voorstellen dan lekker over het strand lopen en vogels tellen. Voor mijn onderzoek zit ik in de zomer juist binnen, vertelt zeevogelonderzoeker Anja Cervencl van IMARES.

In de zomer zijn de zwarte zee-eenden al lang vertrokken naar hun broedgebieden. Dit is dus de tijd van het jaar dat ik in het lab stinkende, dóde duikeenden aan het onderzoeken ben. Ik ga pas weer naar buiten als de herfststormen over de golven razen en de regen horizontaal door de lucht vliegt. Want dan komen deze duikeenden weer terug naar de Waddenzee en de Noordzee.

 

Wat eten zwarte zee-eenden?
In het laboratorium probeer ik te achterhalen wat het belangrijkste voedsel is voor zwarte zee-eenden. Daarvoor moet ik de dode eenden die we in de winter op de stranden en langs de dijken hebben gevonden, opensnijden. In de darmen en de maag zitten nog vaak harde stukjes van de laatste maaltijd van de eend. Die stukjes zijn net kleine puzzelstukjes die ik in elkaar kan leggen om te onderzoeken wat de eend heeft gegeten in de laatste dagen van zijn leven.
Vaak vinden we restanten van schelpen van mosselen of kokkels, maar de laatste jaren vinden we vooral stukjes van de schelp van de Amerikaanse zwaardschede. Dit schelpdier leeft pas een jaar of 25 in de Nederlandse zeeën. In bijna alle zee-eenden vind ik schelpenresten, maar ik kom ook wel eens kleine krabbetjes tegen. Daar vinden we de schalen dan van terug in de gespierde maag van de eend. Die maag is zo gespierd om de schelpen en schalen van zeedieren te kunnen kraken, zodat het vlees vrij komt.
Wat we nog meer meten
Als we dode zee-eenden gaan onderzoeken, kijken we natuurlijk niet alleen naar de inhoud van de maag. We meten de vleugels, het lijf en de snavel op en wegen het dier. Verder schrijven we alle bijzonderheden op. Zo was er afgelopen winter een zwarte zee-eend, die helemaal onder een vreemde kleefpasta zat. Waarschijnlijk was dat een afvalproduct van een chemisch middel dat vaak per schip wordt vervoerd.

Ik had natuurlijk liever gehad dat ik de zomer lekker het strand op kon om vogels te zoeken om ze in de winter in het lab te kunnen onderzoeken, maar de natuur heeft anders beslist. En ik, ik vind het hartstikke interessant om te onderzoeken wat zee-eenden allemaal eten. Zo komen we weer iets meer te weten over hoe de dieren op de Noordzee en de Waddenzee afhankelijk zijn van elkaar. Dus ik ben komende herfst en winter weer aan zee te vinden.

 

Jij kunt helpen
Overigens kun jij me helpen. Wanneer je een dode zwarte zee-eend (of toppereend) vindt, bel (06 23379581) of mail me dan.